25 sep 2017 | Verhaal

De koning komt

Werken in het AMC, wat betekent dat eigenlijk? Medewerkers vertellen hoe het ‘AMC-gevoel’ zich uit op de werkvloer. Jeanette Konings vertelt over de ontmoeting van een ziek jongetje met Willem Alexander.

Jeannette Konings is hoofd van de Pedagogische zorg van het Emma Kinderziekenhuis AMC. Ze werkt er al veertig jaar. Van spelleider naar medewerker medisch pedagogische zorg, naar hoofd van de afdeling.

“Kort geleden is het nieuwe Emma Kinderziekenhuis geopend door Koning Willem-Alexander. Een grote feestelijke gebeurtenis en ik hielp bij de voorbereidingen. Een jongetje van een jaar of vijf, zou de koning helpen tijdens de officiële opening. Hij moest een cocon aan de koning overhandigen waar dan een vlinder uit zou komen, en dan was het ziekenhuis geopend.

Om te zorgen dat dit allemaal volgens plan zou verlopen, heb ik dat jongetje van tevoren ingepraat. Ook om te horen of hij eigenlijk wel wist wie die man, die koning, eigenlijk is. Dat hij straks niet zit te wachten op ‘een meneer’ die komt, maar begrijpt wíe er op bezoek komt. Dat hij daar iets mee kan, bijvoorbeeld zijn naam zeggen.

Naast de koning
Op de dag zelf zag ik de spanning op dat koppie, zo van: O jee, straks komt ie. De manier waarop hij zat te wachten, geweldig. De koning kwam, de jongen ging naast hem zitten en straalde aan alle kanten. Direct begon hij met de koning te kletsen en gaf hem een tekening. Je zag hoe fantastisch hij het vond om naast dé koning te mogen zitten.

Tegelijkertijd deed hij dat zo gemakkelijk. Alsof het heel normaal is om te praten met iemand van wie wij allemaal denken: ‘Nou nou, dat is toch wel de koning.’ Het gemak was vice versa. Dat was juist zo leuk. Van een afstandje zag ik het gebeuren en dacht: ‘Jeetje, die hebben echt een een-tweetje.’

Hand in hand
Na de officiële opening, moest de koning naar een ander onderdeel van het programma. Dat jongetje is toen achter hem aangegaan en heeft zijn hand vastgepakt. En zo zijn ze samen een stukje verder gelopen. De koning zei zoiets als: “O wat fijn, natuurlijk mag jij met mij meelopen.”

Nou, dát moment. Dat een kind dat zelf doet, vind ik geweldig. Hij is ziek, maar even staat hij in een mooie belangstelling. Positief. In een andere wereld dan ziek zijn. Iets leuks mogen doen. Stel je voor: met je kleine handje, hand in hand lopen met de koning. Wat wil je nog meer? Prachtig om te zien. De dingen die mij hier ontroeren zijn gelukkig nog altijd de kinderen zelf. Die zo blij kunnen zijn.”

Door: Edith van Rijs

Foto: Xander Remkes