21 sep 2017 | Verhaal

Trombose vaak niet herkend

Trombose, een bloedstolsel dat een ader of slagader afsluit, kan op elke leeftijd en elk moment optreden. “Veel mensen herkennen de verschijnselen niet”, zegt internist en hoogleraar Saskia Middeldorp. Om meer bekendheid te geven aan trombose, en vooral aan de symptomen, is er een speciale avond in het AMC op 13 oktober tijdens de Wereldtrombosedag.

Een bloedstolsel kan overal in het lichaam een ader afsluiten. Veneuze trombose komt vooral voor in benen. Het is te herkennen aan pijn, zwelling of roodheid van het been. Trombose komt bijna altijd aan één kant voor en begint meestal in de kuit. “Vaak worden deze klachten niet in verband gebracht met een bloedstolsel omdat je ook pijn in je kuit kunt hebben als je bijvoorbeeld gesport hebt, of door een zweepslag – een scheurtje in het spierweefsel van de kuit”, zegt Saskia Middeldorp, die gespecialiseerd is in bloedziekten, met name trombose. “Mensen denken niet aan een afgesloten ader. Toch is het belangrijk zo snel mogelijk naar een arts te gaan. De gevolgen van trombose kunnen namelijk ernstig zijn. Zo kan er blijvende schade ontstaan aan de aderen, of het stolsel schiet los en komt in de longen terecht.”

Saskia Middeldorp (links).
Saskia Middeldorp (links).

Behalve in het been, komt trombose dus ook voor in de longen – dan spreken artsen van een longembolie. Symptomen daarvan zijn onder meer hartkloppingen en pijn op de borst. Een andere vorm van trombose is een bloedstolsel in de hersenen. Dit is vaak te herkennen aan een afhangende mondhoek. Belangrijk is om dan meteen 112 te bellen.

Ziekenhuisopname

“Ook met symptomen die wijzen op een longembolie zou ik niet twijfelen en 112 bellen”, zegt Middeldorp. “En als je vermoedt dat je een trombosebeen hebt, moet je contact opnemen met de huisarts. Die heeft goed ontwikkelde methodes om te bepalen of je moet worden doorgestuurd voor specifiek onderzoek. We doen nu veel aan patiënteneducatie zodat zij weten wat de risico’s zijn om trombose te krijgen. Je hebt onder andere een verhoogde kans na een ziekenhuisopname, of bij het gebruik van bepaalde hormonen (anticonceptiepil), als je gips draag of lang in het vliegtuig zit.”

Eenmaal in het ziekenhuis kan een trombose vastgesteld worden aan de hand van lichamelijk onderzoek, bloedonderzoek, een echo of een CT-scan. Dan volgt de behandeling. “Trombose is op zich goed te behandelen”, zegt Middeldorp. “Er zijn drie soorten medicijnen: vitamine K-antagonisten, DOACs (ook NOACs genoemd) en heparine. De eerste twee zijn tabletten die je kunt slikken, de laatste krijg je via een spuitje. Ik ben groot voorstander van de DOACs, omdat trombose daarmee prima wordt behandeld en je geen bloed hoeft af te staan om te controleren of je de goede hoeveelheid medicijnen krijgt. Heparine toedienen kan belastend zijn voor de patiënt. Maar welk middel je krijgt, hangt af van jouw eigen situatie.”

Maatwerk

Middeldorp wijst erop dat de behandeling van trombosepatiënten ondanks alle protocollen die er zijn, maatwerk is. Als voorbeeld noemt ze vrouwen die bloedverdunners nodig hebben maar zwanger zijn of juist anticonceptie-hormonen slikken. “Artsen moeten dan goed uitzoeken en bespreken welke medicatie deze patiëntes nodig hebben. Dat geldt ook voor sporters, zoals de rugbyspeler die bloedverdunners slikt. Je wilt blijven spelen, maar het risico op een bloeding is door de medicatie groot. Wat moet je doen? In overleg met de arts kan je kijken of je op je speeldag de medicatie zou kunnen overslaan. Sporten is veel te leuk om op te geven.”

Trombose komt geregeld voor. Jaarlijks krijgen ruim 25.000 Nederlanders een veneuze trombo-embolie; daarvan overlijden er 1.250. Ongeveer achtduizend Nederlanders per jaar belanden in het ziekenhuis met een longembolie. Een beroerte (een stolsel in de hersenen) is de op één na belangrijkste doodsoorzaak, na het hartinfarct.

Enquête

Dat trombose niet erg bekend is, blijkt uit een wereldwijde enquête onder duizenden mensen, waaronder achthonderd Nederlanders. Onderzoekers berekenden dat de bekendheid van trombose, veneuze trombose in het bijzonder, laag is. Als de mensen aangaven dat ze wisten wat trombose was, kregen ze aanvullende vragen om te achterhalen wat ze erover weten. Daar scoorden ze slecht op. Zo wist maar 47 procent van de ondervraagden dat een snelle hartslag een van de symptomen is van een longembolie.

Meld je aan voor de informatieavond in het AMC op 13 oktober en bekijk het programma: www.amc.nl/wereldtrombosedag2017

Welke symptomen kunnen op trombose wijzen?https://www.trombosestichting.nl/trombose/herken-een-trombose.html 

Meer over trombose lees je in het AMC Magazine: https://issuu.com/amcamsterdam/docs/nr._7_okt/6

Tekst: Ingrid Lutke Schipholt

Foto's: de Hartstichting