27 jul 2017 | Verhaal

Een kijkje over de grens met co-assistente Gabriëla

Een verblijf in het buitenland is populair. Wat hou je over, letterlijk en figuurlijk, aan zo’n studiegerelateerd uitstapje? Een dierbaar aandenken plus een frisse, relativerende blik luidt het eensgezinde antwoord.

Gabriëla Zoutkamp (25) nam een kalligrafieboekje mee uit Japan. Ze deed voorafgaand aan haar coassistentschap een wetenschappelijke stage in het land.

“Mijn interesse voor Japan is gewekt door hun muziek die mij erg aansprak. Daarna ben ik me gaan verdiepen in het land en de taal. Eind oktober vorig jaar kon ik een wetenschappelijke stage in het buitenland doen. Dat moest natuurlijk Japan worden. Ik heb daar onderzoek gedaan op de neonatale intensive care unit van het Tokai University Hospital in Isehara, een uurtje sporen vanuit Tokio. Onderzoeksthema: de mogelijk beschermende werking van verhoogd bilirubine (een afvalstof van het lichaam) bij te vroeg geboren baby’s. Japan is een religieus land vol tempels en bijna bij elke tempel kun je in een boekje een pagina laten kalligraferen en stempelen.

Dat is wat ik letterlijk uit Japan heb meegenomen. Dit verblijf van zes maanden heeft me enorm verrijkt, want je belandt in een totaal andere cultuur. Wij leren in Nederland om assertief te zijn, terwijl je daar eerst heel beleefd naar de ander luistert. Onze cultuur is ook sterk op het individu gericht, terwijl daar meer een hiërarchische groepscultuur heerst. Japanners zijn keiharde werkers en daar ga je onwillekeurig in mee. Sommigen werken 16 uur per etmaal. Door al die ervaringen sta ik nu anders in het leven. Ik reageer bedachtzamer en ben veel beleefder geworden. Het werkt louterend om te ervaren dat onze manier van leven en denken niet alleen zaligmakend is.”

Tekst: Annet Muijen
Foto: Janus van den Eijnden